Home > Ondernemingsrecht > Uitgetreden vennoot aansprakelijk?
Uitgetreden vennoot aansprakelijk?

Uitgetreden vennoot aansprakelijk?

Het Hof ’s-Hertogenbosch heeft zich recentelijk gebogen over de vraag of een uitgetreden vennoot in een vennootschap onder firma aansprakelijk kan worden gehouden voor vorderingen die voortvloeien uit een voor zijn uittreden gesloten duurovereenkomst (Hof ’s-Hertogenbosch 16 september 2014 ECLI:NL:GHSHE:2014:3642).

De feiten zijn als volgt. Partij X en Y hebben samen een vennootschap onder firma (VOF) gevormd. De VOF exploiteerde een webwinkel. VNU heeft in opdracht en voor rekening van de VOF advertenties geplaatst in Tweakers Pricewatch Manager op basis van een tussen partijen op 20 januari 2009 gesloten overeenkomst. De VOF is per 1 augustus ontbonden en voortgezet door partij X. Dit is ook ingeschreven in het handelsregister.

Aangezien facturen van VNU aan de VOF over de periode januari 2010 tot en met september 2010 onbetaald bleven, heeft VNU partij X en Y in rechte betrokken. De kantonrechter heeft de vordering (deels) toegewezen. De kantonrechter heeft hiertoe overwogen dat partij Y ondanks zijn uittreding uit de VOF gehouden is het door VNU gevorderde te betalen, omdat de verbintenis voortvloeit uit de overeenkomst die voor de uittreding met de VOF is gesloten. Partij Y gaat in hoger beroep tegen dit vonnis.

In artikel 18 Wetboek van Koophandel is bepaald dat in de vennootschap onder firma elk der vennoten wegens de verbintenissen van de vennootschap hoofdelijk is verbonden. Hieruit volgt dat een uitgetreden vennoot na zijn uittreding tegenover schuldeisers van de VOF aansprakelijk blijft voor de verbintenissen die voor zijn uittreden zijn aangegaan. Als uitgangspunt heeft te gelden dat een vennoot na zijn uittreding in beginsel ook op betaling van zodanige bedragen kan worden aangesproken.

Het hof oordeelt dat partij Y op grond van de omstandigheden aansprakelijk dient te worden geacht voor de vordering van VNU. Het hof overweegt hiertoe dat het op de weg van partij Y had gelegen om VNU ervan op de hoogte te stellen dat hij was uitgetreden uit de VOF en dat partij X de onderneming als eenmanszaak zou voortzetten. VNU kon zich ten tijde van het sluiten van de overeenkomst immers verhalen op twee hoofdelijk verbonden vennoten. VNU mocht er zonder andersluidend bericht vanuit gaan dat dat nog steeds het geval was. VNU had weliswaar door raadpleging van het handelsregister kunnen weten dat de VOF was ontbonden, maar dit zou gezien de aard van de overeenkomst impliceren dat zij regelmatig het handelsregister zou moeten raadplegen om te bezien of er een wijziging was opgetreden, teneinde te kunnen bepalen of zij mogelijk in haar verhaalspositie werd benadeeld. Dit kon redelijkerwijs niet van haar worden gevergd.

De les die uit deze uitspraak kan worden getrokken, is dat het van groot belang is bij ontbinding van een VOF duidelijke afspraken te maken. Indien een van de vennoten de activiteiten voortzet en de contracten overneemt, is het belangrijk dat de contractspartijen van de VOF instemmen met de overdracht van de contracten aan de voortzettende vennoot. Verder is het raadzaam om een vrijwaring overeen te komen ten behoeve van de uittredende vennoot.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen