Ondernemingsrecht

Aansprakelijkheid bestuurder B.V. vóór eerste inschrijving handelsregister

Eric Linde

Eric Linde
T.: +31 (0)26 365 55 61
E.: linde@dirkzwager.nl

Op grond van artikel 180 lid 1 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek zijn bestuurders verplicht een B.V. na haar oprichting in te schrijven in het handelsregister. Dit moet gebeuren binnen acht dagen na de oprichting; vaak gebeurt de inschrijving door de notaris die de oprichtingsakte heeft gepasseerd.

In het tweede lid van artikel 180 B.W. staat een sanctie op het niet inschrijven van de vennootschap:
“de bestuurders zijn naast de vennootschap hoofdelijk aansprakelijk voor elke tijdens hun bestuur verrichte rechtshandeling waardoor de vennootschap wordt verbonden in het tijdvak voordat de opgave ter eerste inschrijving in het handelsregister, (…), is geschied.”

Het is dus belangrijk om een B.V. zo kort mogelijk na haar oprichting in te schrijven in het handelsregister, en om vooral geen verplichtingen aan te gaan in de periode tussen de oprichting en de eerste inschrijving.

Het Gerechtshof in ’s Hertogenbosch heeft recent een uitspraak gedaan waaruit blijkt dat de hiervoor bedoelde aansprakelijkheid niet in alle gevallen aan de orde is.

In het berechte geval werd een B.V. op 13 oktober 2003 opgericht. De notaris heeft een dag na de oprichting de stukken naar de Kamer van Koophandel gestuurd ter eerste inschrijving van de B.V. in het handelsregister. Weer een dag later is de B.V. definitief ingeschreven (15 oktober 2003).

In de tussentijd, op 14 oktober 2003, hebben de oprichters een huurovereenkomst gesloten voor een periode van vijf jaren. Enkele maanden later voldoet de B.V. niet meer aan haar betalingsverplichtingen. De verhuurder stelt de oprichters persoonlijk aansprakelijk op grond van artikel 180 boek 2 B.W. De B.V. was immers nog niet ingeschreven in het handelsregister op het moment dat het huurcontract getekend werd.

De vraag is nu of dit leidt tot hoofdelijke aansprakelijkheid van de toenmalige bestuurders van de oprichters van de B.V.

Door de inschrijving in het handelsregister wordt voor derden kenbaar of de personen met wie zij van doen hebben daadwerkelijk (kunnen) optreden voor de rechtspersonen namens welke zij zeggen op te treden en vanaf welk moment dat het geval is.

Op het moment dat de huurovereenkomst werd gesloten had de verhuurder volgens het Gerechtshof voldoende duidelijkheid over haar wederpartij bij die overeenkomst. De verhuurder wist dat de huurders de dag ervoor de B.V. hadden opgericht, en de verhuurder onderhandelde voor de oprichting al met de B.V. in oprichting. Gelet op deze omstandigheden mist artikel 2:180 lid 2 sub a BW in daarom in dit geval toepassing volgens het Gerechtshof. Er was dus geen sprake van hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurders.

In het berechte geval liep het voor de bestuurders dus goed af. Toch is beter om geen rechtshandelingen te verrichten tussen het moment van de oprichting en de inschrijving in het handelsregister. Rechtshandelingen die vóór de oprichting zijn verricht kunnen na de oprichting worden bekrachtigd. Daarmee neemt de B.V. de verplichtingen uit de voorperiode over van de oprichter(s). Bekrachtiging helpt niet om de aansprakelijkheid te voorkomen voor rechtshandelingen die zijn verricht tussen de oprichting en de inschrijving. Het aangaan van rechtshandelingen in deze periode is niet wenselijk, ondanks de hiervoor omschreven uitspraak van het gerechtshof. Of een recent opgerichte B.V. al is ingeschreven in het handelsregister is eenvoudig te controleren op www.kvk.nl.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print

Gerelateerde artikelen:

  1. Aansprakelijkheid bestuurder BV vóór eerste inschrijving (deel 2)
  2. Dirkzwager loopt voorop met online registreren handelsregister
  3. Aansprakelijkheid bestuurder voor transactie vennootschap

di 28 december 2010 » Notariaat, Ondernemingsrecht, Vennootschaprecht   Print deze pagina
E-mail: linde@dirkzwager.nl
Telefoon: